Selecteer een pagina
Wilma Scholte op Reimer | fotobron: folia.nl

Het profiel van verpleegkundig specialist moet in de toekomst niet langer uit vijf, maar uit twee specialismen bestaan: algemene gezondheidszorg en geestelijke gezondheidszorg. Dit advies van het project Toekomstbestendige Verpleegkundig Specialismen is door het College Specialismen Verpleegkunde (CSV) overgenomen. Wilma Scholte op Reimer, voorzitter van de stuurgroep Toekomstbestendige Verpleegkundig Specialismen, vertelt hoe het advies tot stand is gekomen.

Tien jaar geleden werd voor de verpleegkundig specialist een indeling gemaakt in vijf specialismen: acuut, chronisch, intensief, preventief en ggz. In de praktijk bleek echter dat de beroepsgroep deze specialismetitels nauwelijks gebruikt.

Dat komt onder andere omdat voor patiënten vaak onduidelijk is wat een specialisme preventieve zorg precies inhoudt, legt Scholte op Reimer uit. ‘Verpleegkundig specialisten voegen nu vaak een expertisegebied of ziektebeeld toe als ze zich voorstellen, bijvoorbeeld ‘verpleegkundig specialist mammacare’ of ‘verpleegkundig specialist hartfalen’.’

Clustering
Daarnaast werd zichtbaar dat er een clustering optrad in het specialisme intensieve zorg. Scholte op Reimer: ‘Verpleegkundig specialisten kiezen daarvoor omdat ze daarmee de meeste bevoegdheden verwerven, zodat je het meeste mag doen in de breedte van je eigen vakgebied. Dat wordt ook aangejaagd door werkgevers. Met intensieve zorg kun je bijvoorbeeld ook terecht in de preventieve zorg, maar omgekeerd niet. Als verpleegkundig specialisten ervoor kiezen in een ander werkveld aan de slag te gaan, nemen ze de moeite niet hun titulatuur aan te passen. Allemaal signalen dat mensen niet echt blij waren met de bestaande titels.’

Twee specialismen
Er is gekozen voor een indeling in twee specialismen: algemene gezondheidszorg (AGZ) en geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Aanvankelijk was Scholte op Reimer voorstander van een ongedeeld specialisme: verpleegkundig specialist. ‘Dat is wat je registreert en beoordeelt op kwaliteit en behoud daarvan. Je moet goede redenen hebben om segmentatie aan te brengen. Anders maak je het registratiesysteem onnodig ingewikkeld.’

‘Met de keuze voor AGZ hoop ik dat de groep verpleegkundig specialisten in de algemene gezondheidszorg een eenduidig en minder gefragmenteerd beeld uitdraagt en dat dit hun positie in de sector gaat versterken.’

Positionering
Gaandeweg het project werd het Reimer op Scholte echter duidelijk dat de geestelijke gezondheidszorg inderdaad goede redenen had om dit specialisme wettelijk vast te leggen.

‘In het vergoedingssysteem bijvoorbeeld heeft dit voordelen. Doordat dit specialisme wettelijk is vastgelegd, heeft deze groep ook het regiebehandelaarschap kunnen realiseren. Voor hun positionering is dit heel belangrijk geweest. Dat heeft voor mij de doorslag gegeven om daarin mee te gaan. Als dit de verpleegkundig specialisten GGZ helpt om die sterke positie te behouden, dan mogen we hen dit niet afnemen ten gunste van het ongedeelde.’

Deze groep is wat betreft positionering een voorbeeld voor de verpleegkundig specialist AGZ. Scholte op Reimer: ‘Met de keuze voor AGZ hoop ik dat de groep verpleegkundig specialisten in de algemene gezondheidszorg richting externe partijen, zoals overheid en medisch specialisten, een eenduidig en minder gefragmenteerd beeld uitdraagt en dat dit hun positie in de sector gaat versterken.’

 

Hoe nu verder?

Het College Specialismen Verpleegkunde (CSV) heeft het advies van de stuurgroep overgenomen. Inmiddels is het advies ook aangeboden aan minister voor Medische Zorg en Sport, Bruno Bruins (VVD). Als de minister het advies overneemt, zullen de competentieprofielen, het beroeps¬profiel en de opleidingen worden aangepast naar de nieuwe situatie. Vervolgens wordt de nieuwe indeling van de specialismen geïmplementeerd. Onderdeel hiervan is een overgangsregeling voor de huidige somatische specialismen naar het nieuwe specialisme AGZ in het Verpleegkundig Specialisten Register. Naar verwachting zal dit in 2020 worden afgerond. Tot die tijd blijven de huidige specialismen bestaan. In de komende periode blijven de huidige titels voor verpleeg¬kundig specialisten dus nog van kracht. Verpleegkundig specialisten zullen daarnaast het eigen beroepsprofiel, de inhoudelijke basis van de specialismen, gaan aanpassen. Kijk voor meer informatie op het Verpleegkundig Specialisten Register of de website van V&VN VS.

 

Bron: Dé Verpleegkundig Specialist, nummer 1, maart 2018